De nieuwste editie van de Top 25 duurzame aanbesteders van Bouwend Nederland laat opnieuw zien welke publieke organisaties het voortouw nemen bij het integreren van duurzaamheid in hun opdrachten. Dit jaar staan drie gemeenten nadrukkelijk in de schijnwerpers: Amersfoort, Deventer en Eindhoven behoren tot de best presterende lokale overheden in de ranglijst.
De afgelopen jaren wisselden provincie Noord-Brabant, provincie Utrecht, Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden en Rijkswaterstaat elkaar af in de hoogste regionen van de ranglijst. Hun consistente resultaten laten zien dat zij stevig inzetten op duurzaam aanbesteden. Ook dit jaar staan dezelfde vier organisaties weer bovenaan.
Volgens de samenstellers van de lijst zijn gemeenten inmiddels verantwoordelijk voor het merendeel van de onderzochte aanbestedingen. Daarmee hebben zij een directe invloed op de verduurzaming van publieke projecten. Die rol is een belangrijke reden om dit jaar de focus te leggen op de drie best scorende gemeenten.
Opvallende prestaties
Amersfoort eindigt op de vijfde plaats met een score van 4,38. De gemeente zette bij negentien van de twintig aanbestedingen stevig in op duurzame meerwaarde. De consistente aanpak wordt gezien als een aanwijzing dat duurzaam inkopen structureel onderdeel is van het beleid.
Deventer behaalde een zesde plaats met een score van 4,36. Alle aanbestedingen zijn dit jaar duurzaam gegund. De gemeente stond eerder minder in de voorgrond, maar laat nu zien dat het breed inzetten op kwaliteit resultaat oplevert.
Eindhoven, goed voor plek zeven met een score van 4,19, scoorde eveneens 100% duurzaam gegunde aanbestedingen. Volgens Bouwend Nederland onderscheidt Eindhoven zich daarnaast door actief kennis te delen en andere overheden te helpen bij het toepassen van duurzaam aanbesteden.
Vier vaste toppers opnieuw bovenaan
De bovenste plaatsen worden opnieuw bezet door organisaties die al jaren hoog scoren.
- Provincie Noord-Brabant voert de lijst voor het zevende jaar aan met 5,64 punten, de hoogste score tot nu toe.
- Provincie Utrecht staat op de tweede plaats (5,25).
- Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden volgt met 5,00.
- Rijkswaterstaat eindigt als vierde (4,95) en behaalde opnieuw het grootste aantal aanbestedingen met de maximale score.
Verschil tussen kopgroep en achterblijvers groeit
De gemiddelde score van alle beoordeelde aanbesteders steeg licht ten opzichte van vorig jaar, maar de groei komt vooral door de organisaties aan de top. De onderste regionen blijven vrijwel gelijk, wat volgens de samenstellers aangeeft dat een bredere groep opdrachtgevers duurzaamheid nog niet structureel opneemt in hun aanbestedingen.
In de Top 25 ontbreken de Zuid-Hollandse gemeenten. Dat wringt, want deze provincie staat voor grote bouwopgaven waarin duurzame keuzes een groot verschil maken. Volgens Jos van Alphen, samensteller van de lijst, is er sprake van een duidelijke verschuiving: "Zuid-Hollandse gemeenten stellen wél vaker duurzaamheidseisen, maar kiezen minder vaak voor duurzame gunningscriteria met een hoog gewicht. Daarmee worden duurzame keuzes onvoldoende gestimuleerd en blijven innovatiekansen liggen."
Van Alphen ziet ook lichtpuntjes: "Den Haag viel met haar score nét buiten de Top 25, en Gouda en Waddinxveen lieten een forse verbetering zien." Tegelijkertijd valt op dat slechts vijf Zuid-Hollandse gemeenten boven het landelijk gemiddelde scoren; het merendeel blijft daar nog onder.
Nieuwe beoordelingsmethode
De ranglijst maakt dit jaar gebruik van een aangepaste beoordelingsmethode. Een belangrijk aandachtspunt was dat opdrachten waarbij aannemers veel vrijheid krijgen om een ontwerp zo duurzaam mogelijk uit te werken, eerder beperkt konden worden beoordeeld. Door dit nu expliciet mee te nemen, krijgt innovatie meer ruimte. Aan dergelijke aanbestedingen wordt een score van 4,5 toegekend. Wanneer langdurig onderhoud wordt toegevoegd, kan daar nog een half punt bij komen.
De verantwoording voor de puntentelling vind je hier.







